AP03. Eén authentieke bron

ArchiMate-modellen > WILMA > Principles > AP03. Eén authentieke bron
ArchiMate-element AP03. Eén authentieke bron
ArchiMate_Principle.png
Elementtype  : Principle
Element-id  : WILMAWaterschaps Informatie en Logische Model Architectuur (WILMA). De waterschappen willen beter en efficiënter samenwerken met elkaar en in de keten. Concrete kaders helpen bij het sturen van gemeenschappelijke ontwikkelingen zoals bijvoorbeeld de Omgevingswet. Architectuur is een strategisch hulpmiddel bij het opzetten en (continu) doorontwikkelen van de informatiehuishouding van een organisatie./id-6f81305c-9c48-4145-a9e1-23c8bd428eaf
ArchiMate-model  : WILMA
Label  : AP03. Eén authentieke bron
Documentatie  : Stelling:

Gegevens hebben één authentieke bron en worden rechtstreeks ontleend aan- of zijn direct herleidbaar naar deze bron. Alle gebruikte informatieobjecten zijn afkomstig uit een bronregistratie. Voor betrouwbare dienstverlening is het gebruik van de juiste gegevens en documenten cruciaal. Uitgangspunt is daarom dat er binnen de overheid voor ieder informatie-object één unieke bron bestaat, door NORA gedefinieerd als bronregistratie


Rationale: De bronregistratie is de plaats waar het gegeven of document voor het eerst wordt vastgelegd. De eigenaar van de bronregistratie is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de informatie-objecten in de registratie. Bronregistraties kennen diverse verschijningsvormen, bijvoorbeeld databases en registraties, zoals de basis- en kernregistraties, maar ook websites, publicaties, rapporten en wiki's.

Voor de overheid als geheel zijn deze bronregistraties leidend. Indien informatie-objecten in meerdere gelijksoortige registraties voorkomen, gelden alleen informatie-objecten in de bronregistratie als betrouwbaar.

Om technische redenen kunnen kopieën van gegevensbestanden en documenten noodzakelijk zijn. Deze kopieën worden gevoed vanuit de authentieke bron middels goed geborgde procedures. Als een gekopieerd informatie-object toch afwijkt van de bronregistratie, wordt het object uit de bronregistratie als juist aangemerkt.


Implicaties: 1. Ieder waterschap implementeert haar eigen gegevensdienst en ontsluit gegevens waarvan zij de bron is. 2. We borgen de onweerlegbaarheid van de bron van onze gegevens. 3. Landelijke Basisregistratiegegevens worden ontvangen en ontsloten via een centraal distributiepunt (de “aansluiting”). 4. De bronsystemen stellen de data beschikbaar voor interne processen/voorzieningen. 5. Er wordt onderscheid gemaakt in procesgegevens, kerngegevens en basisgegevens. 6. Procesgegevens die alleen binnen een bedrijfsfunctie gebruikt worden, hoeven niet aan alle eisen te voldoen die gesteld worden aan kerngegevens en basisgegevens. 7. Gegevens zijn herleidbaar tot de bron. 8. Opgeslagen gegevens zijn altijd voorzien van voldoende begeleidende informatie ten behoeve van beheer en ontsluiting. 9. Er zijn interne afspraken gemaakt over terugmeldplicht bij constatering van foutieve gegevens. 10. Als eigen kopieën van bronregistratiegegevens worden vastgelegd, dan moeten deze actueel gehouden worden. Dit dient bij voorkeur automatisch te gebeuren. 11. Het bronhouderschap wordt expliciet belegd. 12. Om te voldoen aan de AVGDe Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is een Europese verordening (dus met rechtstreekse werking) die de regels voor de verwerking van persoonsgegevens door particuliere bedrijven en overheidsinstanties in de hele Europese Unie standaardiseert. geldt dat persoonsgegevensAlle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon ("de betrokkene"); als identificeerbaar wordt beschouwd een natuurlijke persoon die direct of indirect kan worden geïdentificeerd, met name aan de hand van een identificator zoals een naam, een identificatienummer, locatiegegevens, een online identificator of van een of meer elementen die kenmerkend zijn voor de fysieke, fysiologische, genetische, psychische, economische, culturele of sociale identiteit van die natuurlijke persoon. bij publiekrechtelijke toepassingen moeten kunnen worden herleid naar de authentieke bron (BRP).


Voorbeelden:

  • Een waterschap ontsluit gegevens via haar Kernregistratie Waterschap.
  • De CDL heeft een aggregatiedienst voor het toegankelijk maken van gegevens uit verschillende bronnen (via PDOK/INSPIRE).
  • Personeelsgegevens worden in het personeelsinformatiesysteem beheerd en gebruikt in diverse andere systemen. Geborgd wordt dat deze gegevens in andere systemen vanuit het personeelsinformatiesysteem worden geactualiseerd.
  • Gegevens uit de BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) worden centraal ontsloten vanuit de landelijke basisregistratie.
  • Als een fout wordt geconstateerd in één van de kernregistraties van het waterschap, dan wordt dit terug gemeld aan de bronhouder.
  • Als een fout wordt geconstateerd in een (landelijke) registratie, die niet door het waterschap wordt beheerd, wordt dit niet in de afnemende waterschapssystemen aangepast, maar terug gemeld aan de externe bronhouder?.
Bron  : https://www.noraonline.nl/wiki/Beschikbaarheid
SWC status  : In gebruik
SWC type  : Principe
Object ID  : 6f81305c-9c48-4145-a9e1-23c8bd428eaf
Object ID_nl  : 6f81305c-9c48-4145-a9e1-23c8bd428eaf
Original ID  : id-6f81305c-9c48-4145-a9e1-23c8bd428eaf
Semanticsearch  : ap03. eén authentieke bron
ArchiMate-views  : 
Relaties  : 
Contextdiagram
Stelling: Gegevens hebben één authentieke bron en worden rechtstreeks ontleend aan- of zijn direct herleidbaar naar deze bron. Alle gebruikte informatieobjecten zijn afkomstig uit een bronregistratie. Voor betrouwbare dienstverlening is het gebruik van de juiste gegevens en documenten cruciaal. Uitgangspunt is daarom dat er binnen de overheid voor ieder informatie-object één unieke bron bestaat, door NORA gedefinieerd als bronregistratie Rationale: De bronregistratie is de plaats waar het gegeven of document voor het eerst wordt vastgelegd. De eigenaar van de bronregistratie is verantwoordelijk voor de kwaliteit van de informatie-objecten in de registratie. Bronregistraties kennen diverse verschijningsvormen, bijvoorbeeld databases en registraties, zoals de basis- en kernregistraties, maar ook websites, publicaties, rapporten en wiki's. Voor de overheid als geheel zijn deze bronregistraties leidend. Indien informatie-objecten in meerdere gelijksoortige registraties voorkomen, gelden alleen informatie-objecten in de bronregistratie als betrouwbaar. Om technische redenen kunnen kopieën van gegevensbestanden en documenten noodzakelijk zijn. Deze kopieën worden gevoed vanuit de authentieke bron middels goed geborgde procedures. Als een gekopieerd informatie-object toch afwijkt van de bronregistratie, wordt het object uit de bronregistratie als juist aangemerkt. Implicaties: 1. Ieder waterschap implementeert haar eigen gegevensdienst en ontsluit gegevens waarvan zij de bron is. 2. We borgen de onweerlegbaarheid van de bron van onze gegevens. 3. Landelijke Basisregistratiegegevens worden ontvangen en ontsloten via een centraal distributiepunt (de “aansluiting”). 4. De bronsystemen stellen de data beschikbaar voor interne processen/voorzieningen. 5. Er wordt onderscheid gemaakt in procesgegevens, kerngegevens en basisgegevens. 6. Procesgegevens die alleen binnen een bedrijfsfunctie gebruikt worden, hoeven niet aan alle eisen te voldoen die gesteld worden aan kerngegevens en basisgegevens. 7. Gegevens zijn herleidbaar tot de bron. 8. Opgeslagen gegevens zijn altijd voorzien van voldoende begeleidende informatie ten behoeve van beheer en ontsluiting. 9. Er zijn interne afspraken gemaakt over terugmeldplicht bij constatering van foutieve gegevens. 10. Als eigen kopieën van bronregistratiegegevens worden vastgelegd, dan moeten deze actueel gehouden worden. Dit dient bij voorkeur automatisch te gebeuren. 11. Het bronhouderschap wordt expliciet belegd. 12. Om te voldoen aan de AVG geldt dat persoonsgegevens bij publiekrechtelijke toepassingen moeten kunnen worden herleid naar de authentieke bron (BRP). Voorbeelden: *Een waterschap ontsluit gegevens via haar Kernregistratie Waterschap. *De CDL heeft een aggregatiedienst voor het toegankelijk maken van gegevens uit verschillende bronnen (via PDOK/INSPIRE). *Personeelsgegevens worden in het personeelsinformatiesysteem beheerd en gebruikt in diverse andere systemen. Geborgd wordt dat deze gegevens in andere systemen vanuit het personeelsinformatiesysteem worden geactualiseerd. *Gegevens uit de BAG (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) worden centraal ontsloten vanuit de landelijke basisregistratie. *Als een fout wordt geconstateerd in één van de kernregistraties van het waterschap, dan wordt dit terug gemeld aan de bronhouder. *Als een fout wordt geconstateerd in een (landelijke) registratie, die niet door het waterschap wordt beheerd, wordt dit niet in de afnemende waterschapssystemen aangepast, maar terug gemeld aan de externe bronhouder?. (Principle) AP03. Eén authentieke bron Grouping Afgeleide principes Stelling: Ons waterschap digitaliseert haar diensten en processen Rationale: Voor een modern proces is een papieren document een obstructie; het is niet efficiënt en het hindert tijd- en plaatsonafhankelijk werken. Daarom worden klanten verleid gebruik te maken van het digitale kanaal processen zo veel als mogelijk geautomatiseerd en worden papieren documenten voorkomen. Klanten verwachten tegenwoordig ook dat dienstverlening digitaal wordt aangeboden. Dit is ook een expliciete ambitie van de overheid en uitgewerkt in de visiebrief ‘Digitaal 2017’. Er moet niet uit het oog worden verloren dat niet iedereen beschikt over voldoende digitale vaardigheden en dat persoonlijk contact op bepaalde momenten of voor bepaalde zaken belangrijk kan zijn. Het opslaan van gegevens in elektronische vorm maakt het veel eenvoudiger om deze te delen. Elektronische gegevens kunnen ook geautomatiseerd worden verwerkt door IT-systemen. Het elektronisch uitwisselen van gegevens is veel efficiënter en minder foutgevoelig dan het handmatig uitwisselen van gegevens. Implicaties: * Klanten hebben digitale diensten tot hun beschikking waarmee ze alle veelvoorkomende interacties veilig met het waterschap kunnen afhandelen. * Digitale diensten voor klanten en medewerkers zijn toegankelijk via verschillende apparaten, ook voor mensen met een functiebeperking en waar nodig 24x7 beschikbaar. * Ingaande en uitgaande communicatie vindt zoveel mogelijk digitaal plaats en we stimuleren dat via kanaalsturing. * Medewerkers worden gefaciliteerd in het digitaal aanbieden, ontsluiten en bewerken van alle gegevens. * Handmatige invoer of uitwisseling van gegevens wordt zoveel mogelijk voorkomen, met name als er sprake is van hoge volumes. * Binnenkomende fysieke gegevensdragers (documenten) worden omgevormd in elektronische vorm, gestructureerd en voorzien van metadata (zoals een classificatie en toegangsregels). * Gegevens worden bij creatie direct voorzien van metadata en op dat moment en bij alle wijzigingen van inhoud of context wordt bepaald of het bewaard moet worden als archiefobject. * Gegevens worden in gestructureerde vorm beheerd en alleen ten behoeve van communicatie in de vorm van documenten verpakt en gecommuniceerd. * Archivering van gegevens (incl. documenten) vindt digitaal plaats en zorgt ervoor dat deze beschikbaar, vindbaar, leesbaar en authentiek blijft en dat toegangsregels, bewaar- en vernietigingstermijnen worden bewaakt. * Er zijn voorzieningen voor elektronische parafen en handtekeningen beschikbaar voor medewerkers en klanten. * De voortgang van processen wordt digitaal bewaakt. (Principle) BP03: Ons waterschap digitaliseert haar diensten en processen Stelling: Ons waterschap is toekomstgericht Rationale: De omgeving waarin waterschappen opereren verandert continu. Hierbij kun je denken aan zaken als klimaatverandering en circulariteit, veranderende wet- en regelgeving, technologische ontwikkelingen, maar ook veranderingen in de samenwerking met ketenpartners (bijvoorbeeld minder zelf uitvoeren, meer regie voeren, functioneel aanbesteden, BIM), en veranderingen in werkvormen en processen. Implicaties: Enkele van de mogelijke implicaties: *Andere kennis vereist bij medewerkers (meer gericht op regie), dus een daarop toegesneden strategische personeelsplanning en continue training en opleiding; *Ruimte voor innovatie (bij voorkeur in samenwerking) zoals internet of things (sensoren), artificiële intelligentie, robotisering en data science; *Nieuwe werkvormen, zoals Netcentrisch werken, Agile/scrum en Zaakgericht werken. (Principle) BP08: Ons waterschap is toekomstgericht Stelling: Ons waterschap gebruikt generieke processen en functies Rationale: Waterschappen worden door de overheid geconfronteerd met bezuinigingsmaatregelen en krijgen tevens extra taken. Door te denken in generieke processen en systemen kunnen diensten eenvoudiger worden gedeeld met andere waterschappen en kosten worden bespaard. Ook kan eenvoudiger gebruik worden gemaakt van standaard oplossingen die beschikbaar zijn in de markt en wordt maatwerk voorkomen. Klanten willen de overheid in haar dienstverlening ook zo veel mogelijk ervaren als één organisatie en generieke processen dragen daar aan bij. Gemeenschappelijke diensten hoeven niet in tegenspraak te zijn met het hebben van een eigen identiteit. De "couleur locale" kan grotendeels tot uitdrukking worden gebracht via specifieke beleidskeuzes en de persoonlijke aandacht van medewerkers. Implicaties: * Het waterschap voert processen op een voor elke burger herkenbare manier uit. * Processen worden gebaseerd op generieke en landelijk beschikbare procesmodellen. * Functionele specificaties worden gezamenlijk met andere waterschappen opgesteld en niet specifiek gemaakt voor de eigen waterschap. * Bij het specificeren van functionaliteit wordt een goede balans gezocht tussen genericiteit en voldoende procesondersteuning. * Processen en systemen worden niet ingericht op uitzonderingen. * Waterschapspecifieke keuzes worden uitgedrukt in (beleids)regels die binnen de generieke processen en functionaliteiten gehanteerd kunnen worden. * Er worden alleen waterschapspecifieke beleidsregels opgesteld als dat noodzakelijk is voor de specifieke waterschaplijke context. * Er zijn soms concessies nodig bij het inrichten van processen en systemen om ervoor te zorgen dat deze op meerdere waterschappen passen. * Applicaties kunnen door meerdere waterschappen worden gebruikt (incl. hun eigen beleidsregels), zonder ze volledig voor alle waterschappen specifiek in te richten, te beheren en te betalen. * Als er landelijke voorzieningen of bouwstenen beschikbaar zijn dan wordt daar gebruik van gemaakt om zo waterschapspecifieke oplossingen te voorkomen. (Principle) BP05: Ons waterschap gebruikt generieke processen en functies AggregationRelationship SpecializationRelationship geeft concrete invulling aan SpecializationRelationship geeft concrete invulling aan SpecializationRelationship geeft concrete invulling aan Deze svg is op 14-06-2021 16:03:14 CEST gegenereerd door ArchiMedes™ © 2016-2021 ArchiXL. ArchiMedes 14-06-2021 16:03:14 CEST