Kwadrant Wetgeving
Als eerste invalshoek kijken we naar wetgeving.
Elk bevoegd gezag stelt regels op en legt besluiten vast. Deze besluiten of verordeningen moeten worden gepubliceerd.
De juridische kant van deze informatie wordt opgesteld met behulp van plansoftware of regelbeheersoftware: een regelbeheersysteem.
In het regelbeheersysteem legt een bevoegd gezag de juridische regels vast. Daarbij wordt de relatie gelegd met het geografische gebied waar de regel van toepassing is. Deze twee-eenheid (juridische regel of regeltekst en het werkingsgebied van deze regel) wordt verrijkt met extra informatie (metadata)(5). Binnen het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) noemen we dit “annoteren”.
Over welke gegevens we het hebben en hoe deze gegevens moeten worden uitgewisseld met het DSO, is vastgelegd in de informatiemodellen Informatiemodel Officiële Publicaties (IMOP) en Informatiemodel Omgevingswet (IMOW) en verder per specifiek omgevingsdocument beschreven in een toepassingsprofiel. Voor de waterschappen is het toepassingsprofiel waterschapsverordening (TPOD) het uitgangspunt (1).
Het regelbeheersysteem zal deze juridische gegevens aanbieden via Landelijke Voorziening Bekendmaken en Beschikbaarstellen (LVBB). Het LVBB zorgt voor de officiële publicatie op onder andere www.wetten.nl. Daarmee is het LVBB de authentieke bron voor de juridische regels.
Het LVBB levert deze gehele dataset ook door aan OZON. Dit is de bouwsteen in het DSO die zorg draagt voor de Objectgerichte Ontsluiting van Omgevingswetbesluiten (2). Het betreft dus omgevingswetbesluiten (waaronder de waterschapsverordening) waarbij regels zijn gekoppeld aan een locatie of gebied.
Van alle bevoegde gezagen worden de regels en bijbehorende gebieden inclusief alle meegeleverde metadata (annotaties) binnen OZON opgeslagen en verwerkt. Daarmee wordt het mogelijk de regels met hun werkingsgebieden te ontsluiten met behulp van de DSO-viewer en de regels met hun werkingsgebieden te kunnen tonen op een kaart.
Daardoor is het voor een professionele gebruiker (3) mogelijk zich te oriënteren welke regels voor hem of haar van toepassing zijn op een bepaalde locatie. Zo kan deze professionele gebruiker zich vroegtijdig verdiepen in de geldende regelgeving. Daarbij is het mogelijk te filteren op al deze regels teneinde alleen die regels te vinden die voor hem of haar van toepassing zijn. Het filteren wordt mogelijk gemaakt op basis van de metadata (annotaties) die bevoegd gezagen hebben toegevoegd aan hun regels en gebieden. Hoe beter regels en gebieden zijn geannoteerd, hoe beter deze regels als relevante set worden gevonden.
Naast de juridische regels kan een bevoegd gezag ook extra service bieden door het opstellen van regels in vragende vorm: toepasbare regels of ook wel vragenbomen. Deze toepasbare regels zijn dus altijd een op een verbonden met de juridische regel en het gebied waarop deze regel van toepassing is. In het Informatiemodel Toepasbare Regels (IMTR) is vastgelegd over welke gegevenselementen we spreken en in de Standaard Toepasbare Regels (STTR) is beschreven hoe we de gegevens moeten aanbieden aan het DSO. Deze toepasbare regels worden apart aangeboden aan het DSO en belanden in het Register Toepasbare Regels (RTR).
Vanuit het RTR wordt de metadata die meegegeven is bij de juridische regels (via het LVBB en verwerkt in OZON) uitgelezen / opgehaald uit OZON en verwerkt binnen RTR. Op basis van deze metadata (annotaties) wordt de functionele structuur opgebouwd: een structuur (kapstok) die het mogelijk maakt de relatie te leggen tussen de juridische regel en de toepasbare regel met behulp van “activiteit” (4). De functionele structuur is een hiërarchische structuur van activiteiten. Elke activiteit heeft een relatie met een bovenliggende activiteit op een hoger niveau (bijvoorbeeld een “beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot een waterstaatswerk” zoals benoemd in de wet).
Daarmee krijgt de benoemde “activiteit” een plek in de structuur. Aan een activiteit wordt een regelbeheerobject (RBO) gekoppeld. Een RBO is het haakje waaraan de toepasbare regel gehangen wordt. Er zijn drie typen RBO’s: conclusie, indieningsvereisten en maatregelen. Een bevoegd gezag kan voor elk type RBO een (set van) toepasbare regels maken. Immers, zullen de antwoorden die een initiatiefnemer geeft, via een vragenboom, leiden tot een conclusie (bijvoorbeeld vergunningplicht). Het kan ook leiden tot het stellen van vragen waarmee de juiste indieningsvereisten kunnen worden meegegeven bij het indienen van een vergunningaanvraag of doen van een melding. Zo ook het benoemen van een set aan maatregelen. Deze vragenbomen worden als XML-bestand aangeboden en gekoppeld aan het betreffende RBO.
- Zie ook bijlage XV Annoteren. Daarin worden de genoemde modellen kort beschreven.
- De naam OZON is afgeleid van Objectgerichte Ontsluiting van Omgevingswetbesluiten. Dat zijn 3 O's, ofwel O3, ofwel:ozon.
- Het realiseren van DSO-loket is men uitgegaan twee typen gebruikers (in de tekst ook wel initiatiefnemer genoemd) die elk een bepaalde informatiebehoefte hebben. Bij het oriënteren van regels op de kaart is men uitgegaan van de “professionele gebruiker”. Deze gebruiker is vertrouwd met de juridische taal en wil graag weten welke regels er gelden op een locatie. Bij het checken of bepaalde werkzaamheden uitgevoerd mogen op een locatie is men uitgegaan van de gebruiker die niet vertrouwd is met juridische taal. Daarom zijn vragenbomen opgesteld, behorend bij de juridische regels, waarmee de gebruiker door het beantwoorden van vragen naar een conclusie wordt geleid (vergunning aanvragen, een melding doen, maatregelen nemen, zorgplicht is van toepassing et cetera).
- Zie ook paragraaf 4.3.7 Toepasbare regels.
